De gemeente wil potentiële woonlocaties vrij maken en grondspeculatie tegen gaan.
Realiseerbare onbebouwde gronden en onbebouwde kavels wil de gemeente activeren.
De invoering van een activeringsheffing laat de gemeente toe om de eigenaars van die gronden en kavels daartoe aan te sporen.
De gemeente Ham kende bij aanvang van deze belasting in 2015 aan volgende organisaties zijnde de erkende sociale woonorganisaties, gemeente Ham, OCMW van Ham, de kerkfabrieken, de inrichters van onderwijs en de Hamse verenigingen die aangesloten zijn bij een gemeentelijke adviesraad een vrijstelling toe.
Na het arrest van het Hof van Beroep van 17 december 2019 is de gemeente terug in de mogelijkheid om deze vrijstelling te voorzien en zo kunnen de organisaties met sociale , culturele, sportieve en educatieve finaliteit opnieuw vrijgesteld worden.
De financiële toestand van de gemeente
Artikel 170 § 4 van de grondwet
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen
Het decreet houdende de Vlaamse Wooncode van 15 juli 1997, met latere wijzigingen, hierna Vlaamse Wooncode genoemd
Het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid, hierna afgekort als DGPB
De Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening, afgekort als VCRO
Voor de aanslagjaren 2021 tot en met 2025 wordt een gemeentebelasting vastgesteld op onbebouwde bouwgronden en percelen overeenkomstig volgende bepalingen.
Belastbaar feit
De belasting wordt geheven op :
- Onbebouwde bouwgronden en kavels die voorkomen in het gemeentelijk register van onbebouwde percelen
- Niet-bebouwde percelen gelegen in niet-vervallen verkavelingen
- Niet-bebouwde bouwgronden en kavels gelegen in woongebieden en gelegen aan een voldoende uitgeruste weg
- Bebouwde percelen met een vrijliggende perceelsbreedte van meer dan 18 meter naast de desbetreffende zijgevel van de woning
Begripsomschrijving
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
1° Bouwgronden: gronden, met uitsluiting van kavels, die palen aan een voldoende uitgeruste weg in de zin van artikel 4.3.5 VCRO en gelegen zijn in een woongebied dat reeds voor bebouwing in aanmerking komt blijkens een principiële beslissing of op grond van artikel 5.6.6 VCRO. Bouwgronden die gelegen zijn in woonuitbreidingsgebieden die werden aangesneden door middel van een globale verkaveling en waarvan de wegenis volledig gerealiseerd is, vallen ook onder deze bepaling;
2° DGPB: Decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid;
3° VCRO: Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening;
4° Kavels: de in een verkavelingsvergunning van een niet-vervallen verkaveling afgebakende percelen;
5° Onbebouwd: beantwoordend aan de criteria voor opname in het register van onbebouwde percelen, gesteld bij en krachtens artikel 5.6.1 VCRO;
Ter verduidelijking:
Onbebouwd zijn alle kadastrale percelen waarop geen gebouw aanwezig is of in het geval van de aanwezigheid van kleinere gebouwen (garage, loods, serre, tuinhuis,…) een discontinuïteit in de bebouwing ontstaat. Een hoofdgebouw inclusief eventuele bijgebouwen en gebouwaanhorigheden moet kunnen opgetrokken worden conform de geldende planologische, technisch-stedenbouwkundige en juridische normen.
Bebouwd zijn kadastrale percelen waarop een huis of een gebouw staat, met inbegrip van de bijhorende infrastructuur (opslagplaatsen, parkings, stapelruimte, garages, …). Het perceel waarop de “bouw” zich bevindt wordt volledig als bebouwd beschouwd (tot aan de perceelsgrenzen). Uitzondering dient gemaakt voor percelen waarop kleine constructies staan (bvb garage, loods, serre, tuinhuis,…), maar die als effectieve bouwgrond voor tenminste één woning kunnen beschouwd worden conform de geldende planologische, technisch-stedenbouwkundige en juridische normen. De kleine constructies op deze percelen beletten niet dat ze als effectieve bouwgronden voor tenminste één woning kunnen beschouwd worden. Deze percelen zijn dus onbebouwd in kader van dit belastingreglement.
6° Register van onbebouwde percelen: het register, vermeld in artikel 5.6.1 VCRO;
§1. De belasting is verschuldigd door de persoon die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van de onbebouwde bouwgrond of kavel. Indien er een vruchtgebruik ,een recht van opstal of erfpacht bestaat, is de belasting verschuldigd door de vruchtgebruiker, de erfpachter of de opstalhouder. Indien er een bouwvergunning is afgeleverd voor de bouwgrond of kavel, schort deze vergunning de belasting niet op.
§2. In geval van mede-eigendom is iedere mede-eigenaar de belasting verschuldigd voor zijn aandeel. In geval dat sommige mede-eigenaars vrijgesteld zijn van de belasting, wordt de belasting enkel gevorderd van de niet-vrijgestelde mede-eigenaars in verhouding tot hun eigendomsaandeel in het belaste eigendom. Iedere mede-eigenaar is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de integrale belasting van iedere andere niet-vrijgestelde mede-eigenaar.
Tarief van de belasting en de berekening van de belastbare lengte
1) 16 euro per volle strekkende meter van de kavel of bouwgrond palende aan de openbare weg gemeten aan de rooilijn, evenwel met een minimale aanslag van 160 euro per kavel of bouwgrond
2) Percelen (uitgezonderd hoekpercelen) met twee zijden palend aan de openbare weg en met een diepte van meer dan 60 meter dan wordt de som van de zijden in rekening gebracht.
3) Percelen (uitgezonderd hoekpercelen) met twee zijden palend aan de openbare weg en met een diepte van minder dan 60 meter dan wordt de gemiddelde perceelslengte in rekening gebracht.
4) Bij hoekpercelen met twee zijden palend aan de openbare weg en met een diepte van meer dan 45 meter aan één zijde wordt de som van de zijden verminderd met 30 meter in rekening gebracht.
5) Bij hoekpercelen met twee zijden palend aan de openbare weg en met een diepte van minder dan 45 meter aan beide zijden wordt de kortste lengte in rekening gebracht.
6) Bij percelen met meer dan twee zijden palend aan de openbare weg en met een diepte meer dan 60 meter aan één zijde wordt de som van de zijden verminderd met 60 meter in rekening gebracht.
7) Bij percelen met meer dan twee zijden palend aan de openbare weg en met een diepte minder dan 60 meter aan elke zijde wordt de gemiddelde perceelslengte in rekening gebracht.
De lengte wordt steeds als volgt bepaald :
Voor kavels binnen een verkaveling op basis van het goedgekeurde verkavelingsplan
Voor percelen niet gelegen in een verkaveling op basis van de opgemeten lengte gebaseerd op het recentste beschikbare kadasterplan.
Er wordt enkel rekening gehouden met volle meters (dus afronding steeds naar de lagere eenheid)
De bedragen, vermeld in dit artikel, zijn gekoppeld aan de evolutie van de ABEX-index en stemmen overeen met de index van november 2019. Ze worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan het ABEX-indexcijfer van de maand november die aan de aanpassing voorafgaat. Het bekomen bedrag wordt afgerond naar de hoger gelegen eenheid.
Vrijstellingen en korting:
Van de activeringsheffing zijn vrijgesteld:
§1. De erkende sociale woonorganisaties, gemeente Ham, OCMW van Ham,de kerkfabrieken van Ham, de inrichters van onderwijs en de Hamse verenigingen die aangesloten zijn bij een gemeentelijke adviesraad
§2. Er wordt een vrijstelling voorzien van 24 maanden voor de nieuwe eigenaars zowel onder levenden via authentieke aankoopakte of schenkingsakte als na vererving.
§3. De activeringsheffing wordt niet geheven op bouwgronden en kavels die tijdens het aanslagjaar niet voor bebouwing kunnen worden bestemd:
Ingevolge hun inrichting als collectieve voorzieningen, met inbegrip van hun aanhorigheden;
Ingevolge een bouwverbod of enige andere erfdienstbaarheid tot openbaar nut die woningbouw onmogelijk maakt;
Ingevolge een vreemde oorzaak die de belastingplichtige niet kan worden toegerekend, zoals de beperkte omvang van de bouwgrond of kavel, of hun ligging, vorm of fysieke toestand. Een kavel kleiner dan 2 are wordt steeds als onbebouwbaar beschouwd.
De vrijstellingsgronden uit het DGPB waarop de belastingplichtige beroep kan doen worden door dit reglement vastgesteld. De belastingplichtige kan geen beroep doen op de suppletieve vrijstellingsgronden uit het DGPB die niet door artikel 6 van dit reglement worden weerhouden.
Krijgen een korting op de activeringsheffing:
§3. De bouwgronden die voor bedrijfsdoeleinden worden aangewend en die ressorteren onder de belasting op de bedrijfsvestigingen gebaseerd op de bedrijfsoppervlakte ontvangen een korting ten belope van de reeds betaalde belasting op bedrijfsoppervlakte. De korting wordt per kavel verdeeld à rato van de aangerekende strekkende meters.
De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
De overtredingen op dit reglement worden vastgesteld door de personeelsleden die aangesteld worden door het college van burgemeester en schepenen. De door hen opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van tegendeel.
De belasting moet worden betaald binnen de twee maanden na toezending van het aanslagbiljet.
Bij laattijdige betaling worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidintresten inzake rijksinkomstenbelastingen, overeenkomstig artikel 11 van het decreet van 30 mei 2008.
Bij weigering om mee te werken aan een fiscale controle of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen wordt een administratieve boete van 250,00 euro opgelegd.
Bezwaren tegen deze belasting kunnen ingediend worden bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn.
De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.
De hoorzitting moet niet meer verplicht voor elk bezwaar worden georganiseerd, maar enkel indien de belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger) er uitdrukkelijk om gevraagd heeft bij het indienen van zijn bezwaar.
De gemeente voegt een beknopte samenvatting van het belastingreglement toe als bijlage bij het aanslagbiljet.
Het belastingreglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286§1,1° van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Het belastingreglement treedt in werking op 01.01.2021.
Een afschrift van dit belastingreglement wordt bezorgd aan :
- de dienst Ruimte
- de financieel directeur